ABC - Stoute schoenen

Lochristie,  kasteel Rozelaar

Over Rafaël de Mercatellis, bastaardzoon van Filips de Goede en abt van de Gentse Sint-Baafsabdij en zijn unieke boekencollectie. Alsook over kasteel Rozelaar, buitenverblijf van de abten van de Sint-Baafsabdij.

Op het einde van de beukendreef in Lochristi prijkt kasteel Rozelaar, een karaktervol 19e-eeuws landhuis omgeven door een weelderig park. Vandaag doet het dienst als stijlvolle feestzaal. Enkel de twee verweerde toegangstorens, aan de achterzijde van het pand, herinneren nog aan de middeleeuwse waterburcht die er ooit stond.  De burcht behoorde tot het domein van de Gentse Sint-Baafsabdij en werd in de 13e eeuw gebouwd in opdracht van abt Jan Vromand. Ze diende als buitenverblijf voor zijn opvolgers. Een van die opvolgers was Rafaël de Mercatellis (1437-1508), bastaardzoon van Filips de Goede. Hij erfde van zijn vader diens interesse in boeken en handschriften. Zo bouwde hij tijdens zijn leven als abt een exclusieve, unieke verzameling uit, die zou uitgroeien tot de belangrijkste humanistische bibliotheek in de Nederlanden voor de 16e eeuw. Volgens de overleveringen zou een deel van die schat ondergebracht zijn in het toenmalige Kasteel Rooselaer.

Lut Laureys, via Flickr.

Rafaël de Mercatellis, ook bekend als Rafaël van Bourgondië, werd geboren in het bruisende Brugge van de 15e eeuw, toen de stad haar gouden tijdperk beleefde. Zijn moeder trouwde met Bernardo Mercatellis, een Venetiaanse handelaar die Brugge als uitvalsbasis had, maar vaker op zakenreis was. Hij gaf zijn familienaam aan de bastaardzoon. Net zoals de andere onwettige kinderen van de hertog, werd de toekomstige abt aan het hof opgevoed. Voor deze zoon uit een adellijk geslacht, was een topcarrière weggelegd.

Antonius Sanderus, CC0, via Wikimedia Commons.

Die begon bij zijn intrede als novice in de Sint-Pietersabdij in Gent. Het grootste deel van zijn tijd spendeerde hij echter in Parijs, waar hij een opleiding theologie volgde aan de Sorbonne. De kersverse theoloog werd meteen daarna benoemd tot abt van de eerder bescheiden Sint-Pietersabdij van Oudenburg (1463-1478). Hier kon de jonge monnik eerst wat ervaring opdoen en tegelijkertijd inkomsten vergaren. Net zoals in vele benedictijnenabdijen was er in deze abdij een meer lakse toepassing van de regels, wat mogelijkheid gaf tot meer luxe en privébezit. Dat werd maar al te graag benut door de nieuwe abt, die gekend was voor zijn uitbundige levensstijl en excessief koopgedrag. Dat ging vooral naar boeken en handschriften, een passie die hij van zijn biologische vader geërfd had. Filips de Goede was een van de grootste en rijkste bibliofielen van zijn tijd.

Na vijftien jaar in het provinciale Oudenburg, werd hij aangesteld als abt van de veel rijkere Sint-Baafsabdij in Gent (1478-1507). Tijdens beide functies spendeerde Rafaël veel tijd in de internationale handelsmetropool Brugge, waar hij contacten uitbouwde met intellectuelen uit het Italiaanse, Bourgondische en humanistische milieu. Het is alsof de bastaardzoon via zijn boekenverzameling  de bibliofiele geest van zijn biologische vader, Filips de Goede, wilde verenigen met het Italiaanse humanisme en de wortels van zijn adoptievader.

Ook tijdens zijn jaren als abt van de Sint-Baafsabdij, is zijn grootste bekommernis het vergaren van inkomsten om zijn verzamellust te financieren. Hij had namelijk een dure smaak. Zijn bibliotheek omvat uitsluitend op bestelling geschreven en verluchte handschriften, alle vervaardigd op grootformaat en luxueus perkament. Ze werden volgens uniforme standaarden geproduceerd in gespecialiseerde ateliers in Brugge en Gent, die behoorden tot de absolute wereldtop. In de loop van de jaren verzamelt hij exclusieve handschriften van auteurs uit zowel de Oudheid als de Italiaanse Renaissance. Teksten van of over Cicero, Seneca, Homeros, Pythagoras, Aristoteles, Virgilius, Boccaccio, Petrarca enzovoorts zijn voorbeelden. Als enige in Vlaanderen bezat hij ook werken de beroemde Florentijnse filosoof en tijdgenoot Marsilio Ficino. De abt had een breed interessegebied dat ging van geschiedenis en aardrijkskunde, sterrenkunde en astrologie tot geneeskunde, mythologie en zelfs muziek. Bijzonder is de opvallende minderheid van religieuze teksten, tamelijk ongewoon voor een abt. Hoe dan ook is zijn levenswerk van ontelbare waarde, zowel historisch als financieel. Het maakt Rafaël de Mercatellis tot bibliofiele grondlegger van de librije van de Sint-Baafsabdij.

Dat brengt ons opnieuw bij kasteel Rozelaar. De middeleeuwse waterburcht te Lochristi behoorde immers toe aan de abten van de Sint-Baafsabdij. Tijdens de Beeldenstormen die Europa in de 16e eeuw teisterden, werden het interieur en de bezittingen van vele abdijen, kerken en andere katholieke instanties genadeloos vernield of gestolen door de protestanten. In Gent werd tijdens de Beeldenstorm van 1566 de rijke bibliotheek van de dominicanen en franciscanen verwoest en ook de Sint-Baafsabdij liep toen schade op. Gelukkig had Rafaël de Mercatellis voorzorgsmaatregelen genomen en werd een deel van zijn collectie bewaard te Lochristi in Kasteel Rozelaar. Ten tijde van Viglius (1507-1577), belangrijk staatsman onder Karel V en verantwoordelijk voor de inventarisering van de bibliotheek van de Sint-Baafsabdij, bevonden zich in Kasteel Rozelaar 85 handschriften en 59 drukken, waarvan het grootste deel behoorde tot de collectie van Rafaël de Mercatellis.

 

Met dank aan Guy Van Rysseghem en Marie De Keulenaer.

 

Zie ook hier:
Inventaris Onroerend Erfgoed. Kasteeldomein Rozelaar met dreven.

MM Monk. Collectie Abt Mercatellis.

 

DBNL. Viglius en de librije van Sint-Baafs te Gent.

 

Collectiewijzer. CWEB-11204.